Wat gaf voor jullie persoonlijk de doorslag om alles achter te laten in Egypte en in Irak te gaan wonen en werken als gezin?
Toen ik trouwde met een dominee, wist ik dat er een kans was op verhuizing. Maar een emigratie had ik toen niet bedacht. Ook omdat ik honkvast ben en niet van veranderingen hou. Toch riep God mijn man en ik ons van Egypte naar Noord-Irak. Dat ging voor mij niet zonder slag of stoot. Toch kan ik getuigen dat God ons bijstaat, vanaf de dag dat we aankwamen.
Het is nu relatief onveilig in jullie gebied, met de oorlog in buurland Iran. De Amerikaanse basis in de buurt waren ook een doelwit. Hoe is dat voor jullie?
Ondanks alles, dank ik God dat we hier zijn. In Egypte, het land waar ik opgroeide, was er nooit oorlog gaande. Het is een spannende tijd, maar we willen niet terug, omdat God ons hier roept. Hoewel er explosies in de buurt waren, vertrouwen we op God. We willen net als Ruth en Orpa zijn, dat we bij de mensen blijven die het moeilijk hebben en niet kunnen vluchten. Veel andere internationale collega’s vetrokken. Wij blijven. De (geestelijke) nood is nu nog groter en we willen daarbij Jezus’ liefde en de boodschap van Zijn genade blijven delen.
Eerder vertelde je dat je in contact bent met de moeder van 35 jaar met drie gehandicapte kinderen. Hoe is het nu met haar?
We zijn nog steeds in contact met deze mevrouw, die Aesha heet. Inmiddels zijn twee van haar kinderen overleden. Ze verborg en verbergt haar kinderen uit schaamte. “De Koran vertelt ons dat we schuldig zijn. Het is een straf van God als je gehandicapte kinderen krijgt.” Daarop inspelend vertelde ik het toepasselijke Bijbelverhaal van de blinde man. De discipelen vroegen aan Jezus: “Rabbi, wie heeft er gezondigd, deze, of zijn ouders, dat hij blind zou geboren worden?”Jezus antwoordde: “Noch deze heeft gezondigd, noch zijn ouders.” In de vervolgafspraken heb ik meer over Jezus kunnen delen met Aesha. Ook dat je, ondanks de verdrietige situatie, vreugde in je hart kan ervaren. Ik heb twee keer met haar mogen bidden. Dat zijn bijzondere en kostbare momenten, waarbij je mag delen van je geloof. Het zou fijn zijn als mensen in Nederland voor Aesha bidden, dat haar hart open mag gaan voor het geloof.
“Ook dat je, ondanks de verdrietige situatie, vreugde in je hart kan ervaren.”
Je ziet per dag tientallen mensen tijdens een consult. Heb je nog meer van dit soort ontmoetingen die ertoe doen?
Jazeker, ik herinner me een moeder met haar tienerzoon in onze praktijk. Ze waarschuwde me vooraf en zei: “Mijn zoon is moslim en hij kan je beledigen omdat je geen hoofddoek draagt, alvast sorry daarvoor.” Toen ik hij binnenkwam gaf ik hem complimenten over zijn kledingstijl. Het leek voor hem de eerste keer dat er iemand positief over hem sprak. Hij had een negatieve houding ten opzichte van andere moslimvrouwen die geen hoofddoek droegen, moslims die niet vijf keer per dag baden, niet strikt de ramadan hielden of in zijn ogen ‘geen goede moslims’ waren, vanwege hun gedrag. Hij zei dat ik geen goed persoon was omdat ik geen hoofddoek droeg. Ik zei dat dat niet uitmaakt, maar dat ik wel van hem hou. Toen viel hij stil en wist even niet te antwoordden. Inmiddels is hij vaker gekomen en kunnen we goed met elkaar opschieten en zie ik dat hij positiever in het leven staat én mij als christen waardeert.
Wat tref je aan in de Jezidi- en Koerdische vluchtelingenkampen waar je werkt?
Ik zie veel schrijnende gevallen. Bijvoorbeeld: De kostwinner werkt in het buitenland, maar treft daar een andere vrouw, verlaat het gezin en stuurt geen geld meer voor het levensonderhoud van zijn gezin. Door de oorlogscrisis zijn de prijzen van voeding en brandstof enorm gestegen. Ik ben zelf verdrietig omdat ik medicijnen voorschrijf, maar die zijn vaak niet meer te verkrijgen. Een 35-jarige moeder verloor in één oog haar zicht door ongecontroleerde diabetes en omdat ze de medicijnen niet kan betalen. Zo’n situatie raakt mij persoonlijk.
Via stichting Ismaël delen jullie als kerk noodhulppakketten uit. Hoe worden deze ontvangen?
In de twee vluchtelingenkampen leven zo’n 60.000 personen. Die kunnen we niet allemaal voorzien van een pakket. Mijn man is onderdeel van het team uit de kerk en betrokken bij de distributie van de pakketten. We hoorden dat een buurvrouw in grote nood was en brachten haar onverwachts een noodhulppakket. Het was juist het antwoord op haar ochtendgebed omdat ze niet meer wist hoe ze de week rond moest komen. Daar worden we stil van en zeggen dat God het mogelijk maakt. Ze was zo blij en dankbaar. Het is iets heel simpels, maar het is voor haar een week voedsel voor haar gezin.
“Ze was zo blij en dankbaar. Het is iets heel simpels, maar het is voor haar een week voedsel voor haar gezin.”
Wat kom je verder nog tegen in de kampen?
Er is heel veel wantrouwen onderling, maar ook naar instanties en ook naar ons als medisch team. Ik probeer daarin het vertrouwen te winnen en een relatie op te bouwen met de patiënten. Ik probeer bruggen te bouwen en te delen over de Heere.
Afsluitend; hoe houd je de juiste balans tussen werk en privé, want je hebt ook een man en twee kinderen?
Mijn man en ik zijn beiden 24 uur per dag oproepbaar in geestelijke nood of als er een acuut gezondheidsrisico is. We maken bewust tijd en ruimte voor het gezin. Om samen te bidden, te praten en te luisteren. Onze droom is dat we mogen zijn waar de Heere ons wil hebben. Op dit moment is dat voor de mensen in Duhok. En we merken dat God ons leidt. Blijf voor ons bidden, dat we wijsheid en inzicht mogen ontvangen omdat er vaak onverwachte wendingen zijn. In de Heere zijn we hoopvol over de toekomst.