Noodhulp in Libanon

Nieuwsartikel

In de heuvels van Zuid-Libanon is het leven razendsnel veranderd. Honderden jaren lang woonden christelijke gemeenschappen in kleine dorpjes aan de grens met Israël. Ze bewerkten het land en hielden het licht van het Evangelie levend in het Midden-Oosten. Vandaag is die vrede verdwenen. Door de hevige gevechten en de angst voor oorlog zijn tienduizenden gezinnen gedwongen gevlucht.

Ze lieten hun akkers, huizen, scholen en kerken achter. Vandaag de dag zijn ze ontheemd. Ze leven in overvolle scholen, kleine appartementen of bij hun bejaarde ouders. En de vraag is of ze ooit nog naar hun dorpen kunnen terugkeren.

Als christenen geloven we dat God alles in handen heeft. we geloven in Zijn voorzienigheid: er gebeurt niets per ongeluk. Zelfs midden in een oorlog zit de Heere nog steeds op Zijn troon. We weten echter ook dat God Zijn volk gebruikt om te zorgen voor degenen die lijden.

In de Bijbel lezen we dat wanneer een deel van het Lichaam van Christus lijdt, we allemaal de pijn voelen. Wij geloven dat ieder mens die vlucht voor het geweld in Zuid-Libanon naar Gods beeld is geschapen. Iedereen heeft redding nodig. De Heere Jezus was zelf ook ontheemde toen Hij met Zijn familie naar Egypte moest vluchten.

Iedereen heeft redding nodig. De Heere Jezus was zelf ook ontheemde toen Hij met Zijn familie naar Egypte moest vluchten.

Het is een Bijbelse opdracht om te zorgen voor hen die hun huis zijn kwijtgeraakt. De families die uit het zuiden wegvluchtten om hun leven te redden, bevinden zich in een zeer moeilijke situatie. Boeren die elke dag hard werkten op hun akker, moeten zij hun leven riskeren om het gewas te inspecteren? We ontvingen een filmpje van een jonge herder die weigerde zijn kudde te verlaten en dagenlang liep, onder dreiging van beschietingen, om zijn dieren in veiligheid te brengen. Net als hij doen velen het onmogelijke om te beschermen wat ze nog hebben.

Ons werk ter plaatse heeft twee hoofddoelen: Ten eerste voorzien we mensen van de basisbehoeften om te overleven. We delen voedselpakketten, schoon water en medicijnen uit. Libanon maakte al een zeer moeilijke economische tijd door, dus deze gezinnen hebben geen geld meer over. Voor een gezin dat met tien anderen in een koude kamer woont, is een simpele maaltijd een teken dat God hen niet vergeten is.

Ten tweede geloven we dat mensen meer nodig hebben dan alleen voedsel. De Heere Jezus zegt: “De mens zal bij brood alleen niet leven, maar bij alle woord, dat door den mond Gods uitgaat” (Matth.4:4). In oorlogstijd zijn mensen erg bang. Ze verliezen de hoop. Daarom delen we ook Bijbels en christelijke boeken uit. We hopen en bidden dat het voedsel voor hun ziel zal zijn. We wijzen hen erop dat, zelfs als hun huis op aarde wordt verwoest, Zijn kinderen een thuis in de hemel hebben dat voor eeuwig zal bestaan.

Maarten Luther schreef een zeer beroemd lied genaamd “Een vaste burcht is onze God.” Hij schreef het naar aanleiding van de woorden van Psalm 46. Luther leefde in een tijd van groot gevaar en oorlog in Europa. Voor de christenen in Zuid-Libanon is dit lied vandaag de dag heel bijzonder. Het herinnert ons eraan dat God onze bescherming is.

Vandaag leren de ontheemde gelovigen in Libanon dit op een nieuwe manier. Hun aardse ‘vestingen’, hun huizen en stenen muren, hebben hen in de steek gelaten. Ze hebben niets meer om op te vertrouwen dan de Heere. Wanneer we hen bijstaan, geven we deze boodschap: ‘Wees niet bang. God is een toevlucht voor de Zijnen. Hij is een vesting die nooit wankelt.’

De gelovigen hier zijn als de ‘levende stenen’ uit de Bijbel. Ze zijn als de ‘ceders van Libanon’ die in de Psalmen worden genoemd. Ze zijn sterk en hebben diepe wortels. Maar zelfs een sterke boom kan door een zware storm worden beschadigd. Ze hebben hun broeders en zusters nodig om hen bij te staan, zodat ze niet omvallen.

Midden in de duisternis van de oorlog zagen we een prachtig voorbeeld van christelijke naastenliefde. Een blinde christelijke vrouw, die zelf weinig bezit, opende haar huis voor een andere blinde moslimvrouw die ontheemd was geraakt. Deze vrouw mocht onderdak vinden met haar dochter, schoonzoon en twee baby’s. Hoewel ze allemaal voor grote fysieke uitdagingen staan en hun huizen zijn kwijtgeraakt, vonden ze samen een veilige plek.

Wanneer we hen bijstaan, geven we deze boodschap: ‘Wees niet bang. God is een toevlucht voor de Zijnen. Hij is een vesting die nooit wankelt.’

Dit bijzondere verhaal herinnert ons eraan dat Gods genade vaak het meest zichtbaar is in het leven van degenen die het minst hebben, wanneer ze met een vreugdevol hart delen wat ze hebben. De gebeden en gulle giften uit Nederland zijn als een brug van liefde. Wanneer jullie de mensen in Libanon helpen, laten jullie zien dat de Kerk één familie is. Jullie vertellen deze ontheemde families dat ze niet alleen zijn. Jullie bewijzen dat de liefde van Christus sterker is dan oorlog en sterker dan angst.

We weten niet wanneer de gevechten zullen stoppen. We weten niet wanneer deze families naar huis kunnen terugkeren naar hun dorpen in het zuiden. Sommigen van hen zijn hun huizen al kwijt; hun dorpen zijn ruïnes geworden. De toekomst ziet er erg somber uit. Maar we vertrouwen op de Heere, want Hij verandert nooit. We vragen jullie om voor ons te blijven bidden. Bid dat God Zijn volk zal beschermen. Bid dat veel mensen tot geloof zullen komen in deze moeilijke tijd.

We herinneren ons de woorden die Maarten Luther inspireerden en die ons vandaag de dag nog steeds kracht geven: “Daarom zullen wij niet vrezen, al veranderde de aarde haar plaats, en al werden de bergen verzet in het hart der zeeën”. (Psalm 46: 2-3). Het is ons verlangen ons werk te doen tot eer van Christus alleen. Dank u wel dat u de christenen van Libanon steunt.

doneren