Op zoek naar de Koning

Nieuwsartikel

Kijk daar eens! Er komt een karavaan door de poort van Jeruzalem. Volgepakte kamelen stappen vermoeid door de straten van de stad. Mannen in deftige, kleurige mantels kijken vanaf de kamelenruggen nieuwsgierig om zich heen. Waar zouden ze moeten zijn?

Ze hebben een reis van enkele weken achter de rug. Eindelijk zijn ze op hun bestemming aangekomen. Hier moet het toch ergens zijn?

O, als ze nog terugdenken aan die nacht! Die ene ster was zo heel anders dan al die andere. Het kón niet anders of die moest iets bijzonders te betekenen hebben. Ze hadden de boeken over de sterren er nog eens bij gepakt en hun wijze hoofden erover gebogen. Deze bijzondere ster had iets te vertellen: er is een Koning geboren, ver weg, in het land van de Joden! In hun hart kwam een brandend verlangen om deze Koning te zien, om Hem te aanbidden en te vereren met geschenken.

Waar kunnen we de pasgeboren Koning vinden?

Hier in de stad Jeruzalem zal vast het paleis van koning Herodes staan. Daar moet het Kind geboren zijn. Misschien kan iemand hen de weg wijzen. Eén van de mannen buigt zich een beetje naar beneden vanaf de rug van zijn kameel. “Waar kunnen we jullie pasgeboren Koning vinden? Wij hebben Zijn ster in het Oosten gezien en we zijn gekomen om Hem te aanbidden!”

De mensen in de stad kijken verbaasd. Ze schudden hun hoofd: “Nee hoor, hier is helemaal geen koningskind geboren.”

Wat een teleurstelling! Is die lange reis dan helemaal voor niets geweest?

In korte tijd gaat het nieuwtje de hele stad door: er zijn reizigers uit een ver land in het Oosten en ze zoeken een pasgeboren Koning.
Ook in het paleis wordt het bericht gehoord. Wat schrikt die boze en trotse Herodes! Een nieuwe koning?! Híj is de koning en dat zal hij ook blijven! Hij moet te weten zien te komen wat dit te betekenen heeft, want hij weet wel dat de Joden al heel lang wachten op hun eigen Koning, de Messias.

Onmiddellijk laat hij de priesters en schriftgeleerden bijeenroepen. “Vertel me, waar zal de Christus geboren worden?” Daar hoeven de wijze Joodse mannen niet lang over na te denken. Ze kennen allemaal de boeken van de profeten. “In Judea, koning, in het stadje Bethlehem. De profeet Micha heeft het eeuwen geleden al voorzegd: Bethlehem is maar een klein plaatsje, maar er zal een belangrijke Koning vandaan komen.”

Herodes bedenkt een duivels plan

In het hart van koning Herodes groeit een duivels plan. Die nieuwe Koning is nu nog klein, maar als Hij later groot is… Nee, zo ver moet het niet komen! Herodes wil niet dat deze Koning straks in zijn plaats komt. Die nieuwe Koning moet uit de weg geruimd worden.

Als de priesters en schriftgeleerden vertrokken zijn, laat Herodes de vreemde reizigers bij zich roepen. Belangstellend vraagt hij hoe lang het geleden is dat ze die bijzondere ster zagen. “Jullie zijn hier aan het verkeerde adres. De Koning Die jullie bedoelen, moet in Bethlehem geboren zijn. O, wat zou ik dat Kind ook graag willen bezoeken. Beloof me dat jullie terugkomen om mij te vertellen waar ik Hem kan vinden. Dan zal ik ook komen om Hem te aanbidden.”

Op de gezichten van de wijze mannen uit het Oosten verschijnt nu weer een blijde lach. Gelukkig, de lange reis was niet voor niets. Het Woord van God heeft hen de weg gewezen naar Bethlehem, niet ver van Jeruzalem. Als ze meteen vertrekken, kunnen ze daar vandaag nog aankomen.

Daar is hij weer, diezelfde ster!

Even later vertrekt de karavaan weer. De mensen in Jeruzalem kijken hen na. Vreemde, heidense mannen uit een ver land, die gekomen zijn om de Koning van de Joden te aanbidden. Ze halen hun schouders erover op en gaan weer verder met hun bezigheden.
Nog even en dan valt de avond.

“Kijk daar nou toch!” roept opeens een van de wijze mannen naar zijn vrienden. Opgetogen wijst hij naar de heldere sterrenhemel voor hen. “Daar is hij weer, diezelfde ster!” Alle mannen kijken omhoog. De ster die ze in hun eigen land gezien hebben, staat weer duidelijk voor hen in de lucht. Dit is het teken dat ze op de goede weg zijn, daar twijfelen ze niet aan. Terwijl ze reizen, houden ze hun oog op de ster gericht. De hele weg gaat de ster voor hen uit. Ze hoeven de weg naar Bethlehem niet eens te vragen. Met grote blijdschap in hun hart volgen ze de ster. De God van Israël zorgt er Zelf voor dat ze de geboren Koning vinden!

Jezus, de Koning van hun hart

Boven de plaats waar de geboren Koning is, blijft de ster staan. In het huis vinden de wijzen het Kindje Jezus met Zijn moeder Maria.
Vol ontzag vallen ze voor Hem op hun knieën. Met heel hun hart aanbidden ze Hem. De kostbare geschenken die ze meegenomen hebben, leggen ze eerbiedig voor Hem neer: goud, wierook en mirre. Ze weten het zeker: de lange reis is niet voor niets geweest.
Dit Kind is niet alleen de Koning van de Joden. Hij is bovenal de Koning van hun hart!

Gespreksvragen

  1. Lees het gedeelte nog eens samen uit de Bijbel: Matthéüs 2: 1-12.
  2. Zijn de wijzen teruggegaan naar koning Herodes?
    Zou Herodes de het Kindje Jezus echt willen aanbidden?
    Waarom was zijn plan een duivels plan?
  3. Je hebt de afgelopen weken al iets geleerd over goud, wierook en mirre. Weet je nog wat er zo bijzonder was aan deze geschenken?
  4. Welk geschenk wil Hij het liefst van jou ontvangen? (Spreuken 23: 26)

Zingen

Psalm 72:10 en 11

U kunt het adventspakket Speuren naar Soeheel aanvragen via www.stichting-ismael.nl/adventkalender. Stichting Ismaël stelt het pakket gratis ter beschikking. We hopen van harte dat dit waardevolle pakket mag bijdragen aan de betrokkenheid bij Evangelieverkondiging in Arabische landen. Opdat Gods Koninkrijk kome, onder hen en onder ons en onze kinderen.

Het bestuur van Stichting Ismaël wenst u Gods zegen op het Kerstfeest en in het nieuwe jaar!